Omgaan met bijzondere kinderen (1)

Vanwege de zomervakantie wil ik de serie van de afgelopen tijd even onderbreken met een blog over bijzondere kinderen. Het hierna volgende komt van een fraaie, zogenaamd ‘eigenwijze’ website www.wateenverschil. Van de schrijfster ervan mocht ik de teksten gebruiken.

Stof tot nadenken
Als een kind opgroeit met kritiek,
leert het veroordelen.
Als een kind opgroeit met vijandigheid,
leert het vechten.
Als een kind belachelijk wordt gemaakt,
leert het verlegen zijn.
Als een kind opgroeit met verdraagzaamheid,
leert het geduldig zijn.
Als een kind opgroeit met aanmoediging,
leert het zelfvertrouwen.
Als een kind geprezen wordt,
leert het waarderen.
Als een kind eerlijk wordt behandeld,
leert het rechtvaardig zijn.
Als een kind veilig opgroeit,
leert het vertrouwen hebben,
Als een kind goedkeuring krijgt,
leert het zichzelf aardig vinden.
Als een kind acceptatie en vriendschap ervaart,
leert het liefde in de wereld brengen.

De vreemde vogel
(Uit haar julicolumn, enigszins ingekort:)

“Wie kent het sprookje van het lelijke jonge eendje niet? Het eendje dat door iedereen wordt afgewezen en dat later een prachtige zwaan blijkt te zijn. Het ‘lelijke jonge eendje’ is aan het brein ontsproten van de Deense schrijver Hans Christian Andersen (1805-1875).
Hoe gaat het verhaal ook alweer? Eén kuiken in het nest van een eend ziet er anders uit dan de andere: het is groot, grijs en lelijk (tenminste, dat vinden de andere dieren). Zijn broertjes en zusjes moeten niets van hem hebben, ze pesten hem allemaal. Uiteindelijk weet zelfs moeder eend niet meer wat ze met hem aan moet. Op een dag kan hij er niet meer tegen en trekt hij zich terug in de eenzaamheid van het moeras.

Maar ook daar wordt hij niet met rust gelaten: de wilde eenden lachen hem uit en de ganzen plagen hem. Dus trekt hij verder, tot hij bij een oude vrouw komt die hem wil houden omdat ze hoopt dat hij eieren gaat leggen. Maar als ze na een tijdje merkt dat er geen eieren komen wordt ze zo boos op hem dat hij er maar weer vandoor gaat. In de herfst ziet het eendje prachtige vogels met lange, sierlijke halzen voorbijvliegen: zwanen! Ze trekken naar het zuiden en hij zou het liefst met hen meegaan, maar ze vliegen te hoog en te snel.

In de winter vriest het eendje vast in het ijs, maar gelukkig wordt hij gered door een boer. Hij mag in de stal blijven om op krachten te komen. Als eindelijk de lente aanbreekt, ziet het eendje de zwanen weer. Ze komen met hun vleugels opgezet op hem af en het eendje duikt angstig in elkaar. Maar dan ziet hij zijn spiegelbeeld in het water en wat blijkt? Hij is zelf een prachtige witte zwaan geworden!

Het lelijke jonge eendje wordt over het algemeen als het meest autobiografische sprookje van Andersen gezien. Hij was zelf ook een ‘vreemde vogel’. Als kind was hij erg stil en verlegen, en op school werd hij veel gepest, zowel door de leerlingen als door de leraren (!). Sommige mensen denken dat Andersen het syndroom van Asperger had.”

About Pien

In de zelfkenniswerkplaats van Pien helpt de zelfkennismethode (ZKM) op weg naar dichterbij
This entry was posted in Geen categorie and tagged , , , , , , , , , , , , , . Bookmark the permalink.

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *