Puberbrein

Overgenomen uit http://www.wateenverschil.info/, een erg goede website over beelddenkende kinderen die een of andere vorm hebben uit het autistisch spectrum

Puberbrein
De puberteit wordt over het algemeen gezien als een roerige en lastige periode. Pubers hebben vaak stemmingswisselingen, zijn op- standig en snel geïrriteerd, blijven veel te lang in bed liggen, ruimen hun kamer niet op etc.
Veel gedrag is verklaarbaar als je weet hoe het puberbrein werkt. Hun hersenen zijn nog niet ‘af’: de prefrontale cortex, het voorste hersengebied, is nog niet volledig ontwikkeld. Daardoor kunnen ze hun emoties minder goed onder controle houden, zijn ze snel af- geleid en hebben ze moeite met plannen.
Wat moet je weten over het puberbrein?*

1. De puberteit begint onder invloed van hormonen en gaat gepaard met lichamelijke veranderingen. Bij meisjes gebeurt dit tussen de acht en dertien jaar. Jongens komen meestal een half jaar tot een jaar later in de puberteit.
2. Puberteit en adolescentie is niet hetzelfde. De puberteit is de periode waarin kinderen lichamelijk volwassen worden; adolescentie is de hele periode van volwassen worden, dus ook de geestelijke veranderingen. Dit duurt tot ze een jaar of 25 zijn.
3. Omdat de hersengebieden van een puber nog niet optimaal met elkaar communiceren, vertonen pubers vaak extreem en tegenstrijdig gedrag. Ze voelen minder remmingen en zoeken risico’s op (zoals veel drinken en sexting).
4. Pubers zijn erg gevoelig voor beloning: ze zijn veel gemotiveerder om leuke dingen te doen dan dingen waar ze geen zin in hebben of die op de korte termijn weinig opleveren. Een feest organiseren kunnen ze bijvoorbeeld vaak wel, maar hun huiswerk op tijd afmaken dan weer niet.
5. Het slaap-waakritme verandert. Pubers gaan laat naar bed en staan laat weer op. Door de groei- spurt heeft een puber minimaal 9 uur slaap per nacht nodig. Dat is door de week lastig haalbaar, waardoor de puber in het weekend vaak extreem lang uitslaapt.
6. Pubers zetten zich graag af tegen hun ouders. Hoe harder ze zich afzetten, hoe beter ze hun ‘ik’ ervaren. Dit gedrag heeft dus een belangrijke functie.
7. Pubers zijn het liefst samen met leeftijdsgenoten, in real life of op social media. Pubers spiegelen zich aan elkaar.
8. Pubers zijn in deze levensfase vooral met zichzelf bezig. Ze zoeken een eigen identiteit en streven tegelijkertijd naar acceptatie, waardoor ze erg beïnvloedbaar zijn door leeftijdsgenoten.
9. Egocentrisch gedrag vertonen pubers vooral thuis en dus niet op school of bij hun vrienden. Thuis voelen ze zich veilig en kunnen ze zichzelf zijn. Eigenlijk is het dus een compliment!
10. Positief aan de puberteit is dat pubers snel leren. Ze komen met ideeën, bedenken oplossingen en komen tot nieuwe inzichten. Als ze gemotiveerd zijn, aangemoedigd worden en de ruimte krijgen, ko- men hun talenten tot bloei.
Wat hebben pubers nodig? Veel steun (bijvoorbeeld bij het plannen van schoolwerk) en onvoorwaar- delijke liefde, ook al vind je dat lastig en staat je kind er niet altijd voor open. Hoe je in verbinding blijft met je puber, lees je volgende maand.
* Bron: https://www.gezondheidenco.nl/puberbrein-12-feiten/

Posted in Geen categorie | Leave a comment

Pubers

Pubers: gevoelsmensen

Binnenkort zult u hier het vervolg aantreffen van de videoserie ‘Dyslexie en beelddenken bij volwassenen’, waarvan het eerste deel op Youtube verscheen onder de code https://youtu.be/bCJu1ajDF3c

Maar voor de goede lezers onder jullie hier eerst nog wat opmerkelijke citaten over het puberbrein: ————————————————————————————————————————————-
“Onze jeugd heeft een sterke hang naar luxe, heeft slechte manieren, minachting voor het gezag en geen eerbied voor ouderen. Ze spreken hun ouders tegen, houden hun mond niet in gezelschap en tiranniseren hun leerkrachten.”
Zijn deze woorden typerend voor onze tijd? In een artikel uit de Vlaamse krant “De Morgen” van 3 maart 2019 wordt hier Socrates geciteerd, woorden uit maar liefst de vijfde eeuw voor Christus!

En toch, is er dan niets veranderd? In Nederland is er een gerespecteerde ‘survivalgids’ voor ouders gepubliceerd over pubers, een geactualiseerde versie van een eerdere bestseller van Yvonne van Sark en Huub Nelis onder de titel: “Het nieuwe puberbrein binnenstebuiten”.

Context
Volgens deze auteurs is het brein van een puber op zich niet veranderd, maar de context waarin hij opgroeit is in niets te vergelijken met vroeger. Hij kan 24 uur per dag online, heeft meer te besteden dan zijn ouders indertijd en meer vrijheid dan de generaties voor hem.
Het lijkt dan ook alsof jongeren sneller volwassen zijn. Jonge pubers weten nu al dingen waar vorige generaties pas achter kwamen op het einde van hun puberteit. Ze weten vaak meer over seks, drank en drugs dan hun ouders. Ze wekken de indruk minder naïef te zijn en te weten wat er in de wereld te koop is. Ze vormen een ogenschijnlijk zelfverzekerde generatie die alles afweet van nieuwe media en technologie. Alles duidt erop dat voor het eerst in eeuwen een nieuw soort jongere rondloopt.

Onzekere volwassenen
Het gevolg is dat volwassenen onzeker geworden zijn in hun rol van opvoeder, vindt Van Sark. “Het autoritaire opvoedingsmodel uit de twintigste eeuw maakte tien jaar geleden plaats voor een onderhandelingsmodel. Kinderen kregen meer ruimte, vrijheid en verantwoordelijkheid om zichzelf te ontwikkelen en keuzes te maken.”
Niet alleen ouders dachten er zo over, ook het onderwijssysteem werd in die zin gemoderniseerd. Er kwam meer ruimte voor zelfstandig leren en eigen keuzes maken.

Nood aan structuur en kaders
Maar in de laatste jaren zagen onderzoekers een kanteling: er werden steeds meer vragen gesteld bij die vrijheden van pubers. Kunnen ze er wel mee omgaan? Mogen we al die verantwoordelijkheid wel bij hen leggen? Moet er toch niet wat meer gestuurd worden? Van Sark: “Wie goed kijkt, ziet dat er in de opvoeding net iets anders nodig is dan loslaten. Tot 12 jaar hebben kinderen veel zorg nodig en moeten we hen goed begeleiden. En daarna eigenlijk nog veel beter.”
Het is volgens haar een mythe dat pubers goed kunnen omgaan met al die vrijheid. Pubers hebben, misschien nog meer dan jonge kinderen, net veel nood aan structuur en kaders. Terwijl de huidige samenleving hen vooral veel vrijheid, keuzemogelijkheden en complexiteit biedt. A disaster waiting to happen.

(wordt vervolgd)

Posted in Geen categorie | Tagged , , , , , , , | Leave a comment

Druk gedrag

Onderstaande tekst is overgenomen uit de maartcolumn van www.wateenverschil.info

Laatst* las ik dat er vorig jaar minder ADHD-medicatie zoals Ritalin werd gebruikt en dat er minder diagnoses ADHD werden gesteld. Goed nieuws! Men is in de psychiatrie blijkbaar toch wat voorzichtiger geworden met de diagnose, die een grote impact heeft op jonge kinderen die nog volop in ontwikkeling zijn. Een diagnose kan een toegang tot de hulpverlening zijn, maar kan ook als een selffulfilling prophecy werken.

Hoe kan het toch dat we bij ‘drukke kinderen’ al snel aan de gedragsstoornis ADHD denken? En ligt het wel altijd alleen aan het kind? Biopsycholoog Martine Delfos heeft ooit eens gezegd over kinderen met ADHD: ‘Tachtig procent heeft het niet, maar is druk vanwege de drukte van deze tijd.’

Er zijn zelfs mensen die beweren dat ADHD helemaal niet bestaat. In 2012 baarde psycholoog Laura Batstra opzien met haar boek Hoe voorkom je ADHD? Door de diagnose niet te stellen. Volgens haar is het heel goed mogelijk om hulp aan een kind of gezin te bieden zonder dat er een psychiatrische diagnose wordt gesteld.

Ook de Amerikaanse neuroloog Richard Saul is van mening dat ADHD niet bestaat. In zijn boek ADHD does not exist uit 2014 schrijft hij dat we vastzitten in een cirkel van misdiagnose en het overdreven voorschrijven van pepmiddelen zoals Ritalin, die gevaarlijke bijwerkingen hebben.

Die bijwerkingen zijn inderdaad niet mis. Op korte termijn heeft Ritalin onder meer de volgende bijwerkingen: verminderde eetlust, tics, wazig of slecht zien, slaapstoornissen, buikpijn, hartkloppingen en verhoogde bloeddruk. Op langere termijn belemmert het de groei van met name de hersenen. Maar de ergste bijwerking, zo schrijft Barbara Salmonsohn in haar boek Ritalin is de oplossing niet, is het feit dat kinderen aan hun eigen zelfwaarde en kracht gaan twijfelen. Want er is blijkbaar iets ‘mis’ met hen; zonder dat pilletje zouden ze niet ‘normaal’ kunnen functioneren. Daar komt nog bij dat Ritalin geen echte, duurzame oplossing is. Het geneest niet, het onderdrukt alleen de symptomen. Je kunt een kind pas echt helpen als je naar de oorzaken van het gedrag kijkt en die op een kindvriendelijke manier aanpakt.

Barbara Salmonsohn toont in haar boek aan dat zaken als onvolwaardige voeding, milieu-invloeden (luchtvervuiling, zware metalen, pesticiden in voeding), allergieën en een verstoorde suikerstofwisseling een rol kunnen spelen bij hyperactiviteit. Ze pleit voor een holistische aanpak die onder meer bestaat uit gezonde voeding, homeopathie, gezinsondersteuning en versterking van de weerbaarheid, eigenwaarde en sociale competenties van de kinderen. Daarnaast zouden we moeten nadenken over interessanter onderwijs, kleinere klassen en meer lichaamsbeweging.

Richard Saul vindt ook dat je in eerste instantie de leefstijl moet aanpassen: ‘Gezonder eten, meer bewegen en beter slapen kan al heel wat dingen verzachten, waaronder prikkelbaarheid, gebrek aan focus en impulsief gedrag. Verder moeten we anders leren kijken naar de problemen in plaats van te grijpen naar de achterhaalde diagnose waar dokters, farmaciebedrijven en zelfs patiënten zich aan vastklampen.’**

Laten we hopen dat de trend doorzet. Minder diagnoses, minder medicijnen, en meer aandacht voor voeding en leefstijl. Er zijn betere oplossingen dan Ritalin. En gelukkig gaan steeds meer mensen dat inzien.
——————————————————————————————————————————————
* https://nos.nl/op3/artikel/2268765-forse-daling-in-gebruik-van-adhd-medicijn-ritalin.html
** https://www.hln.be/nina/fit-gezond/neuroloog-trekt-conclusie-adhd-bestaat-niet~a1e21387/

Posted in Geen categorie | Tagged , , , , , , , , , , , , , | Leave a comment

Dyslexie en beelddenken bij volwassenen

Spiegeling of beeldvorming?

Video’s
Onder de titel “Dyslexie en beelddenken bij volwassenen” zullen zeer, zeer binnenkort op Youtube video’s van mijn hand verschijnen. Tegelijk ook op deze website! Een eerste deel ligt al klaar. Er moet alleen nog enig knip- en plakwerk aan gepeuterd worden voordat het wordt ingestuurd naar de Cloud.
Dit initiatief gebeurt naar aanleiding van maar liefst twee volwassenen die in twee weken tijds mij toevertrouwden dat ze mijn website graag zouden willen bezoeken. Maar….ze zien het niet zitten om zich door die lappen tekst heen te worstelen.
Dan gaan we het dus voortaan doen met beeld en geluid. Ik hoop daarvoor allerlei mensen te interviewen die beelddenkend zijn en dat soms ook nog eens combineren met dyslexie. Eentje is al goed gelukt, maar…dit hou ik nog even als verrassing.

6 april 2019. Het is gelukt!!! Ga naar YouTube en klik het volgende aan: https://youtu.be/bCJu1ajDF3c

Beelddenken bekeken vanuit een positief perspectief
Voor diegenen die geen probleem hebben met lange teksten, wil ik met veel genoegen citeren uit een website van een ‘collega’ beelddenkster die net als ik het beelddenken vanuit een positief perspectief wil benaderen. Hierbeneden put ik uit een deel van haar februaricolumn uit www.wateenverschil.info.

Beginner’s eye
“Hoe kan mindfulness je helpen bij de opvoeding van je kind? Jon Kabat-Zinn, de grondlegger van mindfulness, heeft hierover gezegd: ‘It is about seeing our children as they are, not as we want them to be.’ Het gaat er dus om dat we onze kinderen zien zoals ze zijn, en niet zoals we willen (of denken) dat ze zijn. Daarvoor is het nodig dat we onze oordelen, overtuigingen en verwachtingen over hen loslaten en hen met een beginner’s eye, met het oog van een beginner, bekijken.

Frisse blik
Dat houdt ook in dat we geen labels op kinderen plakken: hij/zij is slim, sportief, onhandig, hij/zij heeft ADD, ADHD, autisme, etc.
Waarom niet? In het artikel ‘Waarom het goed is je kind af en toe met een “frisse blik” te bekijken’ schrijft Nicole van Borkulo: ‘Door je geschiedenis met iemand (kind, partner, vrienden, zelfs met jezelf) heb je je een beeld gevormd, en dat beeld beïnvloedt de manier waarop je met iemand omgaat. Door labels – gegeven door een instantie of zelfbedacht, want dat doen we allemaal (…) – besteden we vooral aandacht aan gedrag dat dat label bevestigt. Dat vernauwt onze aandacht en zo zien we niet meer wat er óók is. Een beginner’s mind zorgt ervoor dat je weer meer open gaat staan, zo kan er ruimte komen voor verandering, in het kind en in je relatie.’

Verwondering en nieuwsgierigheid
Volgens klinisch psycholoog, mindfulnesstrainer en hoogleraar orthopedagogiek aan de Universiteit van Amsterdam Susan Bögels betekent mindful opvoeden ‘dat wij de ware aard van ons kind leren kennen, in plaats van het kind te zien als een verlengstuk van onszelf, en er de (al dan niet ingeloste) verwachtingen op te projecteren die we van onszelf hadden.’
Het gaat er dus om dat je niet vanuit vaststaande verwachtingen naar je kind kijkt, maar vanuit verwondering en nieuwsgierigheid, vanuit een liefdevolle, vriendelijke houding.”

(Cursief is van mij)

Posted in Geen categorie | Tagged , , , , , , , , , , , | Leave a comment

Onderwijs en beelddenken (3)

Licht aan de horizon van ons onderwijs

Er gloort licht aan de horizon! Licht voor alle schoolkinderen, in het bijzonder voor onze beelddenkers.

Tienerschool
In de krant lees je steeds vaker artikelen over ideeën om ons onderwijs te vernieuwen. Zo las ik onlangs prachtige dingen. ‘Vroege selectie’, lees je daar, ‘is ongunstig voor kinderen met laagopgeleide ouders, laatbloeiers en jongens’. Onze beelddenkers horen over het algemeen bij die laatbloeiers!
In plaats van vroege selectie pleit dit artikel voor een tienerschool voor 10 tot 14-jarigen zoals die al drie jaar bestaat in de Spring High in Amsterdam Nieuw-West, een van de twaalf tienerscholen die als pilot in ons land meedoen. ‘Door kinderen niet te vroeg in een hokje te stoppen, komen ze beter uit de verf’, luidt de gedachte. ‘Geen vaste groepen, huiswerk of roosters’.

Beelddenkers: laatbloeiers
Jelle Jolles, hoogleraar neuropsychologie en directeur van het Centrum Brein & Leren is fervent voorstander van een tienerschool waar je langer mag ‘rijpen’. Hij stelt: “De harde scheiding tussen basisonderwijs en voortgezet onderwijs na groep 8 komt op een ongelukkig moment. Er zijn jonge tieners die op dat moment nog speels zijn en weinig zelfinzicht hebben.(…) Deze groep loopt het risico dat ze op een ander schoolsysteem terechtkomen dan wat ze zouden aankunnen, puur door het feit dat ze zich wat breder of – op dat moment – nog niet uitgesproken cognitief ontwikkelen.”

Bewegend leren in de klas
Een ander lichtpunt aan de horizon: als je als beelddenker met je ‘hele hebben en houden’ in het leven staat en lange tijd achtereen op school stil moet zitten én luisteren, zul je blij zijn om de uitkomst te lezen van een onderzoek aan de Rijks Universiteit Groningen: “Fysiek actieve reken- en taallessen kunnen een effectieve manier zijn om schoolprestaties van kinderen te verbeteren. Bovendien dragen de lessen bij aan de dagelijkse hoeveelheid beweging die kinderen nodig hebben.”
Resultaten van dit onderzoek lieten zien dat leerlingen meteen meer aandacht voor hun taak hadden dan na een reguliere les. “Dit is belangrijk, want taakgerichtheid is een voorspeller van schoolprestaties”. De meting na één jaar deelname aan de zogeheten ‘Fit & Vaardig-lessen’ liet zien dat de kinderen die hieraan hebben meegedaan significant meer vooruit zijn gegaan op rekenen dan de kinderen in de controlegroep. Ook op het gebied van spelling zijn de leerlingen in de experimentele groep meer vooruit gegaan, vooral na twee jaar deelname.

Vorming als mens
Ik besluit deze serie met het boeiende essay van Frederike de Jong, filosofe en docent VO, waarin ze de gordiaanse knoop in het onderwijs probeert te ontwarren. Zij noemt daarin Martha Nussbaum die aangeeft dat het onderwijs gericht is op economische groei wat niet bevorderlijk is voor sensitief leren denken over verdelingsvraagstukken en maatschappelijke ongelijkheid. Er is de nodige vorming nodig als mens, waarbij geleerd moet worden om kritisch te denken, nauwkeurig bronnenmateriaal leren wegen en op fantasierijke wijze uitdrukking leren geven aan gedachten.

Dit is wat beelddenkers als muziek in de oren zal klinken! In een eerder blog verwees ik al naar haar voorstellen om dit handen en voeten te geven.

Posted in Geen categorie | Tagged , , , , , , , | Leave a comment

Onderwijs en beelddenken (2)

Nieuwsgierigheid en creativiteit
Ach!!! Wat zou het onnoemlijk veel verdriet en frustratie schelen als beelddenkende kinderen niet al die drempels hoeven te nemen die er nu nog steeds in het reguliere onderwijs liggen! Pas nadat zij eindelijk kunnen gaan kiezen wat zij willen (meestal na hun 16de, 17de), leven zij doorgaans op omdat dan pas hun natuurlijke nieuwsgierigheid en creativiteit tot hun recht komen.

Waarom die drempels er zijn voor beelddenkers is niemand te verwijten. Behalve misschien de dames en heren in het wetenschappelijk onderwijs die schoolmethodes schrijven en programma’s maken voor lerarenopleidingen en scholen. Want nog steeds ‘bestaat’ het fenomeen ‘beelddenken’ zogenaamd niet omdat er geen wetenschappelijk onderzoek naar is verricht.

Hoeveel volwassen beelddenkers heb ik niet ontmoet met grote kerven in hun ziel doordat er in hun schooltijd niemand was die inzicht had over hun andere manier van informatie verwerken! Daarom heb ik in 2014 een boekje geschreven om juist docenten te helpen hierover wat meer inzicht te krijgen. (Een klein boekje vanwege hun overbelasting!)

“Ons onderwijs is failliet”
Dagblad Trouw kopte afgelopen dinsdag 28 januari met: “Ons onderwijssysteem is failliet. Daarom moet het helemaal op de schop”, aldus filosoof en hoogleraar Jan Bransen naar aanleiding van zijn pas gepubliceerde boek: ‘Gevormd of vervormd? Een pleidooi voor ander onderwijs’.

Ik heb bijna het héle artikel onderstreept, zo raakte dit aan al die drempels die er in het onderwijs liggen voor beelddenkers, laat staan voor anderen.
Een paar highlights hieruit:
– Ons onderwijs levert geen creatieve en nieuwsgierige mensen op, maar passieve reproduceerders van kennis.
– We leren leerlingen vooral om een goede leerling te zijn en goede proefwerken te maken. Alleen: daar kun je niets mee. Hoe langer we het onderwijs laten duren, des te erger het wordt, hoe meer het leren geïsoleerd raakt van de praktijk, van het leven.
– De wil wordt niet ontwikkeld. Een leerling luistert en reproduceert een vooraf vastgesteld programma. Wij vragen aan jongeren om hun wil soms 24 jaar lang uit te zetten.(…) En dat geeft een vervorming.
– We hebben een zogenaamd hoogopgeleide bevolking die radicaal niet meer weet wat ze wil. Waar denk je dat het hoge percentage burn-out onder jongeren vandaan komt?
– Theorie en praktijk kan niet van elkaar worden gescheiden.

Hoe dan wel?
Branson heeft niet alleen maar kritiek. Hij geeft ook goed onderlegde adviezen voor hoe het beter kan onder het motto “wat wil de leerling zélf eigenlijk leren?” Voorbeelden geeft hij ondermeer van de Nijmeegse bedrijfsschool H400, bedoeld voor middelbaar scholieren met een indicatie voor speciaal onderwijs. Theorie en praktijk zijn daar niet gescheiden. Er is veel coaching en docenten bepalen in samenspraak met de leerlingen hoe hun leerplan eruit ziet. Naast vakken als wiskunde en Engels doen ze in de praktijk sociale vaardigheden op. Zo leren zij zichzelf, hun capaciteiten en hun grenzen kennen.

Hiernaast noemt hij ook de Agora-school in Roermond, een school voor vmbo, havo en vwo die vier jaar geleden begonnen is met een onderwijsexperiment zonder vakken, toetsen of niveaus. Bij de zeventien eindexamenleerlingen bleek deze zomer dat de resultaten niet slechter waren dan die van reguliere scholen. Zij kwamen allemaal uit op het niveau van hun basisschooladvies!

(wordt vervolgd)

Posted in Geen categorie | Tagged , , , , , , , , | Leave a comment

Onderwijs en beelddenken (1)

—————————————————————————————————————————————————-
Binnenkort start opnieuw in Zutphen een serie workshops ‘beelddenken’ voor volwassenen met als titel: “Hoe kan ik sterker staan in een wereld die anders omgaat met informatie”. Dit keer op zes dinsdagmiddagen en wel op 5, 12 en 19 februari, 5, 12 en 19 maart 2019. Ben je benieuwd naar reacties, klik dan hier.
—————————————————————————————————————————————————

Kerstboomversiering van moedertje natuur

Onbekendheid met het fenomeen beelddenken
De vorige week wachtte ik op mijn beurt in een copyshop toen ik ongewild getuige werd van een hoogst merkwaardig gesprek tussen een jonge werknemer en zijn oudere baas. De jongen zei dat hij zijn baas maar chaotisch vond. Intussen doorwerkend, antwoordde de oudere man na enige tijd: “Ik kom toch even terug op wat je daarnet zei. In het restaurant waar ik vroeger werkte, werd ik juist geprezen door het feit dat ik zo’n overzicht had.”

De baas en zijn vrouw zijn duidelijk beelddenkers, dat had ik al eerder gezien. Je zou hun anders-zijn kunnen vergelijken met de foto hierboven: een meer natuurlijke vorm van versiering tegenover een traditioneel opgetuigde kerstboom 🙂 . De zaak staat immers vol inspirerende maaksels van zijn vrouw, naast prachtige verzamelingen van mapjes, kaarten, doe-het-zelfartikelen, verf- en viltstiftsoorten in allerhande maten: een feest om er rond te snuffelen!
Sommigen zullen zijn inrichting “chaotisch” noemen. Maar dit stigma wordt over het algemeen alleen door niet-beelddenkers op beelddenkers geplakt omdat de eersten er een geheel andere manier van ordening op na houden: systematisch en volgordelijk, in beelddenkers-ogen handig maar saai.

Het is de onbekendheid met het fenomeen beelddenken waardoor dit soort kwetsende gesprekjes plaatsvinden. Weet je echter meer over beelddenken, dan zou je uit de inrichting van de zaak en het gesprek meteen vijf prachtige kenmerken herkennen van beelddenkers. Ik denk dan aan een geheel eigen manier van ordenen. Ik vergelijk deze wel eens met die van een spreeuwenzwerm (zie mijn logo hierboven). Verder: fantasie, een sociale instelling, de baas corrigeerde zijn jonge werknemer immers niet, gevoeligheid, hij kwam er toch op terug. En het hebben van overzicht.

Nieuw leven uit het oude

Goed nieuws voor het onderwijs!
Er gaat onherroepelijk iets nieuws groeien uit het verouderde onderwijssysteem van ons land. Dit functioneert nog steeds in grote lijnen vanuit principes uit de jaren ’50 van de vorige eeuw, maar voldoet niet meer. Niet alleen is er een lerarentekort en bij docenten een te grote administratieve last, het hele pedagogische landschap behoeft vernieuwing. In de komende blogs zal ik uitgebreid stilstaan bij wat vooraanstaande denkers hierover te vertellen hebben. Deze voorstellen zullen vooral onze beelddenkers ten goede komen!

Goed nieuws voor beelddenkers!
Zo betoogt bijvoorbeeld Martha Nussbaum dat leerlingen louter op basis van feitenkennis en logica niet goed kunnen leren omgaan met de complexe wereld die hen omgeeft. Er is een derde vaardigheid nodig, die ze de ‘narratieve verbeelding’ noemt. Ze bepleit een vooraanstaande plaats voor de kunstvakken en geesteswetenschappelijke disciplines. Ze betoogt dat deze vakken van belang zijn, omdat ze de menselijke verbeelding stimuleren. Verhalen zijn naar haar mening waardevol om leerlingen te leren zich in te leven in de behoeften van andere mensen. En vakken als kunst, literatuuronderwijs, geschiedenis, muziek, filosofie en godsdienst helpen daarbij enorm.
Naast het stimuleren van de verbeeldingskracht, noemt zij nadrukkelijk het leren denken buiten de gebaande paden. Laten deze twee genoemde aspecten van haar betoog nu juist horen tot de specifieke kenmerken van onze beelddenkers!

(wordt vervolgd)

Posted in Geen categorie | Tagged , , , , , , , , | Leave a comment

Werk en beelddenken

—————————————————————————————————————————————————-
Binnenkort start opnieuw in Zutphen een serie workshops ‘beelddenken’ voor volwassenen met als titel: “Hoe kan ik sterker staan in een wereld die anders omgaat met informatie”. Dit keer op zes dinsdagmiddagen en wel op 5, 12 en 19 februari, 5, 12 en 19 maart 2019.
—————————————————————————————————————————————————
BEDRIJFSLEVEN VAN DE TOEKOMST: OPGELET!
Niet te geloven! In het novemberblog had ik een ‘oproep’ gedaan aan het bedrijfsleven en meteen kwam het antwoord! Dit werd er zelfs eentje dat richting geeft als een koe op het dak, maar dan als richtingwijzer.

Het leek wel of ‘het bedrijfsleven’ mijn verhaal goed had gelezen. Of was het misschien toch eerder de journaliste Charlot Verlouw van de zaterdageditie van Trouw van 17 november jl. die hetzelfde artikel had gelezen als ik? Hoe dan ook, ik kreeg meteen antwoord dankzij haar verhaal ‘Op zoek naar het ultieme werkgeluk’!

Haar artikel ging over twee mannen, met de mooie namen De Morree en Minnaar, die vanaf begin 2016 allerlei bezoeken aflegden aan hoogleraren, goeroe’s en mensen uit het bedrijfsleven met deze vraag in het achterhoofd: “Hoe zorg je ervoor dat jouw personeel echt plezier in het werk heeft?”
Onder de kietelende naam ‘corporate rebels’ worden zij inmiddels in allerlei bedrijven uitgenodigd om te komen vertellen wat ze precies hebben geleerd. En, vooral, hoe zij deze bevindingen stapsgewijs kunnen gaan invoeren in hun eigen bedrijfscultuur.

Gelijkwaardige en inspirerende werkomgeving
‘Graag’, schrijft Verlouw ‘zouden Minnaar en De Morree een zetje willen geven aan de revolutie, van een hiërarchische, ontransparante organisatie naar een gelijkwaardige, inspirerende werkomgeving door de goede voorbeelden met de wereld te delen.’ (…) ‘Een gelukkige, zelfstandige werknemer denkt in het belang van het bedrijf en is dus wel betrokken’. Zo zijn ze bijvoorbeeld lovend over Buurtzorg, een zorgbedrijf waar 14.000 mensen werken zonder manager. ‘Alle werknemers zijn opgedeeld in zelfsturende teams van maximaal 12 mensen.’

Hoop voor beelddenkers!
Interessant in dit artikel is dat niet iedereen op zo’n revolutie zit te wachten. Zo bleek uit onderzoek dat zelfs 20% van de werknemers van een bedrijf dat de organisatiestructuur ingrijpend verandert ‘liever blijft bij een bedrijf waar de ’ouderwetse’ piramide nog wel overeind staat. Bijvoorbeeld managers die hun macht niet uit handen willen geven, of werknemers die helemaal geen behoefte hebben aan meer verantwoordelijkheid’.

Frappant, want ongeveer 20% van de Nederlanders zijn extreem niet-beelddenkend, zijn dus zogenaamd taal- of lineair denkend. En het is juist deze groep die het onderwijs wijs maakt dat ‘iedereen dus’ zo denkt als zij: onderwijskundigen, pedagogen, enz. Met andere woorden, het fenomeen ‘beelddenken’ (dat nog steeds niet wetenschappelijk is onderzocht) hoeft geen bijzondere aandacht, zo redeneren zij. En zo denken veel anderen dus ook.
En ik kan me daar iets bij voorstellen omdat er slechts 20% extreme beelddenkers rondlopen in de westerse wereld, mensen zoals ik. Maar, er is ook een groep van zogenaamde ‘overgangsdenkers’ (60%). En juist deze grote groep doet die eerste 20% volharden in de vooronderstelling dat ‘iedereen’ dus zo denkt als zij…

Wat een geluk dat ik dit artikel onder ogen kwam en dat ondanks deze 20% er duidelijk behoefte is aan verandering op de werkvloer: een opsteker voor beelddenkers!

(De volgende serie blogs zal gaan over onderwijs en beelddenken)

Posted in Geen categorie | Tagged , , , , , , , , | Leave a comment

Burn-out en beelddenken (3)

—————————————————————————————————————————————————-
Opnieuw is in Zutphen een serie workshops over beelddenken begonnen voor volwassenen, getiteld: “Hoe kan ik sterker staan in een wereld die anders omgaat met informatie”. In februari 2019 start een nieuwe serie, dit keer op zes dinsdagmiddagen.
—————————————————————————————————————————————————

Een koe op het dak!
In het vorige blog verwees ik naar een onderzoek in Vlaams België: “Dat millennials (24- tot 38-jarigen) vaak last hebben van een burn-out en depressie. Dit is ondertussen bekend, maar de generatie die na hen komt, “Generatie Z” (8- tot 23-jarigen), is er zo mogelijk nog erger aan toe”. Deze nieuwste generatie wordt qua burn-out meestal over het hoofd gezien.

In 2016 bleek al, dankzij het Vlaamse onderzoeksbureau ‘Trendwolves’, dat de jongeren er geheel andere carrièreverwachtingen op nahouden dan de generatie voor hen. “Bedrijven, zorg maar beter voor een goede sfeer op de werkvloer, want die is voor de volgende generatie werkzoekenden even belangrijk als het salaris,” aldus de Vlaamse digitale krant www.nieuwsblad.be (10-05-2016).

Als terugkerend thema is dit het wat jongeren zeggen nodig te hebben:

– zelfstandigheid (de helft ambieert zelfs een eigen zaak)
– een instelling om zich flexibel te kunnen inzetten
– het kunnen combineren van meerdere passies tegelijkertijd
– zélf kunnen bepalen waar en wanneer gewerkt wordt
– het gevoel nuttig werk te doen

Geheel andere bedrijfscultuur
Maar dit klinkt als koeien op het dak! Inderdaad. En daarom zal er naarstig moeten worden gezocht naar een geheel nieuwe bedrijfscultuur. Want, in ons land zullen de behoeftes van jongeren niet veel verschillen met die van onze Zuiderburen. Als er niet wordt gewerkt aan een andere bedrijfscultuur, zal zich in de nabije toekomst bij deze jongeren een tsunami aan burn-outs gaan ontwikkelen.

BEDRIJVEN VAN DE TOEKOMST: OPGELET!
Zij zijn, aldus dit rapport, de jonge wolven die klaarstaan om massaal start-ups uit de grond te stampen. Niet op hun eentje maar liefst in teamverband.
Ze werken dolgraag in kleine groepjes waar hun creativiteit wordt gestimuleerd. Geen leidinggevenden dus die hen opdrachten geven, maar oudere mentoren die hen begeleiden naar succes.
Hun ideale werkomgeving zien zij tegelijkertijd offline als online. Ze zijn bijzonder leergierig maar leren vooral via het world wide web. Ze zijn ook niet bang om voor hun baan naar het buitenland te moeten reizen.
Een goede werksfeer is voor hen net zo belangrijk als het salaris. Daarnaast werken zij het liefst in een leuke omgeving.
En, hoe jonger de leeftijd, hoe groter zij belang hechten aan het ecologisch en sociaal beleid van het bedrijf.

Goed nieuws voor jonge beelddenkers!
Laten bovengenoemde thema’s en behoeftes nu kenmerkend zijn voor beelddenkers! Overigens van alle generaties! Want zij zijn over het algemeen teamplayers, creatief, bevlogen en origineel. Zij houden niet van saaie beroepen en verkiezen, meer dan anderen, voor een eigen onderneming.

En nu maar hopen dat er in onze samenleving wakkere mensen opstaan die de bevindingen van dit rapport serieus nemen opdat onze jongste werkzoekenden, al dan niet beelddenkend, de mogelijkheid krijgen een baan te vinden waar zij ruimschoots hun talenten kunnen inzetten. En waar het bedrijfsleven en de maatschappij volop van mag profiteren! Zonder risico’s van een burn-out!

(Hierop is inmiddels een antwoord gekomen! Volg deze wakkere mensen op dit blog, 1 december aanstaande!)

Posted in Geen categorie | Tagged , , , , , , , , , , , , , , , , | Leave a comment

Burn-out en beelddenken (2)

—————————————————————————————————————————————————-
In oktober start opnieuw in Zutphen een serie workshops ‘beelddenken voor volwassenen’ met als titel: “Hoe kan ik sterker staan in een wereld die anders omgaat met informatie”. Op 4, 11 en 18 oktober en 1, 8 en 15 november 2018.
—————————————————————————————————————————————————
Sfeergevoeligheid
Vijf en veertig jaar geleden kreeg ik naailes van een vrouw die niet lekker in haar vel zat. Als ik nu achter mijn naaimachine kruip, denk ik vaak aan haar. Als doorgewinterde associeerder is het juist dít sfeeraspect van haar persoonlijke onbehaaglijkheid dat mij na al die jaren is bijgebleven.

Hoe komt dat? Beelddenkers blijken sfeergevoeliger te zijn dan anderen. Om die reden voelen zij daarom als eersten de nood aan van een ander. Maar ja, deze kwaliteit kan ook een valkuil worden als bijvoorbeeld de sfeer op het werk slecht is. Dit kan aan hem gaan ‘vreten’. En dat is een gevaarlijk ingrediënt om een burn-out te ontwikkelen.

Perfectionisme
Wat fijn dat er mensen zijn die het heerlijk vinden om zorgvuldig werk af te leveren! En, zolang dit maar geen administratief werk is (!), kan een beelddenker in zo’n baan zijn ei kwijt. Maar, zoals dit met alle kwaliteiten gaat, ook deze kun je te sterk inzetten en dan kan het zijn dat zo’n perfectionist in de gevarenzone terechtkomt van een burn-out.

Burn-out bij jongeren
Alarmerend schijnt op dit moment het aantal kinderen en jongeren te zijn dat begeleiding zoekt van een psycholoog. Psychologen echter kunnen deze opvallend grote toevloed niet aan. Dit gegeven sluit aan bij een artikel dat ik op 20 september in de Vlaamse krant ‘De Morgen’ tegenkwam. Hier werd verslag gedaan van een onderzoek naar burn-out bij jongeren. “Dat millennials (24- tot 38-jarigen) vaak last hebben van burn-out en depressie is ondertussen bekend. Maar de generatie die na hen komt, Generatie Z (8- tot 23-jarigen), is er zo mogelijk nog erger aan toe”. Dit is gebleken na een nieuwe studie van trendbureau ‘Trendwolves’.

“In tegenstelling tot de millennial, die opgevoed is met het idee dat hij alles kon krijgen en worden wat hij wil, is deze Generatie Z veel realistischer. Die is opgegroeid in tijden van economische onzekerheid en dat heeft grote gevolgen. Bovendien is deze generatie vertrouwd met snel veranderende technologie. Het is de always-on-generatie, die uren per dag online doorbrengt, vaak op verschillende schermen tegelijk. Ze zijn de meest verbonden generatie ooit, maar echte rusttijd weten ze niet zo gemakkelijk te vinden. Door het overmatige smartphonegebruik slapen ze vaak ook slechter, en ook dat maakt hen vatbaarder voor depressies.

Beter dan jongeren te verplichten om zich in de traditionele werkvisie te wringen, waardoor ze bijna vanzelfsprekend ongelukkig zullen worden, moet er nagedacht worden over oplossingen. Hun verwachtingen en het huidige werkbeeld zijn gewoon niet altijd even verzoenbaar. Er moet dringend meer aandacht komen voor dit probleem, want het komt razendsnel op ons af. Wat nu vooral nodig is, is een diepgaandere studie over het fenomeen. En een allesomvattend actieplan. Jongeren moeten weerbaarder gemaakt worden, maar we moeten ook bedrijven sensibiliseren. Doen we dat niet, dan ziet de toekomst er niet rooskleurig uit.”

(wordt vervolgd)

Posted in Geen categorie | Tagged , , , , , , , , , , , | Leave a comment